Vijftien is het jaar waarin veel jongeren zelf gaan bijverdienen. Dan wordt de vraag niet alleen hoeveel kleedgeld, maar ook hoe het eigen loon zich daartoe verhoudt.

Voor een kind van 15 is € 35 tot € 50 per maand een werkbaar kleedgeld. Kleding, schoenen en accessoires. Veel jongeren hebben nu een bijbaantje. Spreek af of dat geld bovenop het kleedgeld komt of het deels vervangt; dat scheelt discussie achteraf.
Wel: Kleding, schoenen en accessoires.
Niet: Ondergoed, sokken, sportkleding en de winterjas.
Het bedrag en het pakket horen bij elkaar. Schuif je er meer onder, dan hoort het bedrag omhoog; houd je de winterjas erbuiten, dan mag het lager. De volledige ladder van twaalf tot achttien staat op de hoofdpagina over kleedgeld, samen met wat kleding volgens het Nibud gemiddeld kost.
Bijna alle ruzies over kleedgeld gaan niet over het bedrag maar over de grenzen: valt dit er nou onder of niet? Op de hoofdpagina staat een afsprakenblad van zeven regels dat je kunt afdrukken en samen invullen. Tien minuten werk, en daarna wijs je ernaar in plaats van erover te discussiëren.
Gaat het budget de eerste maanden mis, maak de periode dan korter in plaats van het bedrag hoger. Twee keer per maand hetzelfde totaal is voor veel tieners makkelijker te overzien dan één keer.
Kleedgeld groeit mee. Zo loopt de ladder rond deze leeftijd: 13 jaar 20 tot 30 euro, 14 jaar 30 tot 40 euro, 15 jaar 35 tot 50 euro en 16 jaar 45 tot 60 euro. Alles per maand.
Vijfendertig tot vijftig euro per maand, voor kleding, schoenen en accessoires. Het bedrag mag lager als je kind zelf bijverdient, maar spreek dat vooraf af.
Dat mag, als het maar vooraf duidelijk is. Kleedgeld helemaal stoppen zodra er loon binnenkomt voelt als een straf op werken. Een middenweg is het kleedgeld gelijk houden en afspreken dat het eigen loon voor de extra's is.
In de app oefent je kind dit zelf, in missies van een paar minuten. Gratis te beginnen, zonder reclame en zonder aankopen.
Download in de
App Store
Android en computer
Werkt gewoon in je browser